Gezocht

 


 

“De drukker A.H. Weijers is vandaag 40 jaar in dienst van de firma Wed. S. Benedictus*. De patroons, de heeren J. Benedictus en G. Portielje, en de procuratiehouder de heer N. de Hartog, hebben den jubilaris hartelijk toegesproken, onder aanbieding van geschenken in couvert. Het personeel schonk hem cadeaux van huishoudelijken aard.”

(NRC 18.01.1924)

 

(*) Kantoorboekhandel en Drukkerij, Wijnstraat 147, Rotterdam (vermeld in Telefoonboek Rotterdam 1882)

 


 

In de maand Juni 1887 is uit Kaapstad met het stoomschip Spartan, via Londen, te Amsterdam aangekomen Willem Weijers, 58 jaren, kleermaker, lengte gewoon, haar grijs, neus dik en rood; voorovergebogen en bevende houding. Hij nam zijn intrek in een logement aan de Prins-Hendrikkade en op een der eerste dagen van de maand Juli d.a.v. vertrok hij per spoortrein naar Leiden, om zijne familie aldaar te bezoeken, in welke plaats hij echter niet is aangekomen. Sedert is niets van hem vernomen. De commissaris van politie der 2e sectie te Amsterdam verzoekt, namens de familie van den vermiste, die meent dat hem een ongeluk is overkomen, zijne opsporing en bij ontdekking bericht.

(Leidsche Courant, 31 januari 1888)

 


 

 Het auto-ongeluk bij Arnhem

… even voor het punt, waar de oude weg den Apeldoornschen weg raakt …

... Het is wel interessant te vernemen op welke wijze de heer van Pallandt op het laatste oogenblik werd gered door den boerenarbeider Wijers. Toen Wijers, schrijft men aan de Tel., om halfvijf een licht gekreun, dat onder de brug vandaan kwam, hoorde, spoedde hij zich onmiddellijk naar beneden, en toen hij den toestand overzien had, haalde hij een dommekracht, waarmede hij den wagen gedeeltelijk opvijzelde. Terwijl hij, geholpen door een ander, met dit werk bezig was, hoorde hij eensklaps een stem, die zuchtend riep: “nog een klein eindje, dan ben ik gered”. Zonder zich te bedenken legde hij zich onder den wagen en lichtte hem met kracht op, waardoor baron van Pallandt in de gelegenheid was, vrij te ademen. Had hij een kwartier langer onder den auto gelegen, zeer zeker was hij dan, evenals luitenant Boreel, gestikt.

 (Het Vaderland, 4 juni 1923)

 

Opm: Het lijkt of hier de dag ervoor ook over bericht is; jhr. W.C. Boreel is omgekomen, terwijl E.C. baron van Pallandt het heeft overleefd.

 


 

Zuid Beijerland – De metselaar D. Weijers verwondde zijn hand zoodanig met een bijl dat hij zich onder dokters behandeling stelde.

(De banier: staatkundig gereformeerd dagblad, 5 december 1934)

 


 

Door het op hol staan van zijn paard geraakte de 64-jarige voerman Wijers van Ottersum zoodanog tusschen zijn kar en een boom bekneld, dat zijn rechterbeen werd afgerukt en zijn achterhoofd verpletterd werd. Daar het ongeval voor de kazerne der marechaussees aldar voorviel, werd hij hier binnengebracht en door den tevens geroepen geneesheer Dr Stiemens behandeld. De man heeft nog twee en een half uur geleefd.

(De Tijd, 27 oktober 1908)

 


 

(Advertentie)

Moord en brand

schreeuwen mijn concurrenten, omdat ik 300 bloembollen in soorten geef voor 2,50 franco thuis remb. 20 cent hooger.

S. Weijers, Kweekerij Stella Matutina, Hillegom

(Limburgsch dagblad, 18 november 1922)

 


 

Auto gevonden met een stervenden man.

Hedennacht is op den Winterakerberg bij Sittard gevonden een auto met nog werkenden motor en brandende lichten. Bij onderzoek bleek in den auto te liggen een zekere Weijers uit Brussel, die zwaar was gewond. Hij werd later naar het gasthuis te Sittard overgebracht, waar hij bij aankomst bleek te zijn overleden. Of hier van misdaad sprake is, wordt door de justitie onderzocht.

(Alkmaarsche Courant 11.02.1931)

 


 

Gistermiddag omstreeks drie uur sloeg, tijdens een hevig onweer, de bliksem in de boerderij van de weduwe H. Wijers, gewoond door de familie Hissink te Steenderen. Boerderij en inboedel werden een prooi der vlamman. Wegens gebrek aan water kon men niet blusschen. Huis en inboedel waren verzekerd.

(Leidsche Courant 12.08.1938)

 


 

Een auto met vier inzittenden is gistermiddag omstreeks zes uur, even buiten Amsterdam bij de filmstudio in de Weespertrekvaart gereden. De inzittenden, de heer D.W. Wijers uit Deventer en zijn schoonzuster D.O. uit Amersfoort, als ook haar zoontje en dochtertje, zijn door arbeiders, die juist van hun werk kwamen, gered.

(Leidsche Courant 24.10.1947)

 


 

Kind te water – Woensdagavond half acht geraakte een vijfjarig jongetje, toen hij op een schuit op het Zuider Buiten-Spaarne te Haarlem aan het spelen was, te water. Dit werd gelukkig gezien door den machine-bankwerker H. Wijers, Z.B. Spaarne 144 rood, die het kind wist te grijpen, door zich gedeeltelijk in het water te begeven. Door leden van den Ongevallendienst werd de kleine drenkeling naar de ouderlijke woning gebracht, waar de huisdokter ontboden werd. Het kind heeft waarschijnlijk geen nadeelige gevolgen van het onverwachte bad gekregen.

(Haarlem’s Dagblad 26.06.1941)

 


 

 


terug naar het overzicht Wijers/Weijers